
Midden-Groningen werkt 3 stationsvarianten uit voor Nedersaksenlijn
Welke stationslocaties in de gemeente Midden-Groningen kunnen een rol spelen in de nieuwe spoorverbinding Nedersaksenlijn (Groningen via onder meer Veendam, Emmen, Coevorden, Almelo naar Enschede)? De gemeente heeft een ambtelijke voorstudie laten uitvoeren naar de stations en de spoorzone in Midden-Groningen. Alle stationslocaties zijn in die voorstudie meegenomen.
Alle stationslocaties zijn in samenhang bekeken met onder meer de bediening door treinen, spoorkruisingen, busverbindingen, P+R, fiets- en voetgangersverbindingen, het randwegsysteem en de ontwikkeling van wonen en werken.
Oplossingsrichtingen
Er zijn 3 onderscheidende oplossingsrichtingen uitgewerkt: voor een centrumstation aan de Kerkstraat en voor de bestaande stations Martenshoek en Hoogezand-Sappemeer.
Kerkstraat
"De variant Kerkstraat (Hoogezand, foto) scoort in deze voorstudie het hoogst op doelbereik. Een centrumstation draagt sterk bij aan de samenhang tussen OV-knooppunt, stedelijk gebied en gebiedsontwikkelingen. Vooral omdat een station op deze locatie maximaal bijdraagt aan de bereikbaarheid van de regionale voorzieningen in Hoogezand en de beste mogelijkheden heeft om bus en trein aan elkaar te verknopen. De variant Kerkstraat vraagt tegelijkertijd de hoogste investeringskosten", schrijft het college van Midden-Groningen in een raadsbrief.
Goedkoper
"De andere 2 varianten zijn goedkoper, maar bieden volgens de studie minder mogelijkheden om kansen voor bereikbaarheid en verstedelijking te benutten. Daarmee is nog geen definitieve stationskeuze gemaakt. De toekomstige dienstregeling is sterk bepalend voor de uiteindelijke afweging. De voorstudie geeft ook aan dat met de kennis van nu, het sluiten van stations niet vanzelfsprekend nodig is voor de toekomstige dienstregeling. Hier zetten we dus ook op in."
Spoor, stations en dienstregeling
De volgende stap in de MIRT-verkenning (Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport) is, aldus het college, het verder terugbrengen van de mogelijke oplossingsrichtingen. Daarbij worden spoor, stations en dienstregeling steeds concreter in samenhang beoordeeld met onder meer bereikbaarheid, gebiedsontwikkeling, brede welvaart en kosten. De uitwerking van de gebiedsontwikkeling moet daarbij ook informatie leveren voor de afwegingen binnen de MIRT-verkenning.
Bereikbaarheid, veiligheid en leefbaarheid
In de eerste fase van de MIRT-verkenning heeft ProRail bij betrokken partijen (ook Midden-Groningen) behoeften, wensen en ideeën opgehaald. "Midden-Groningen heeft daarbij verschillende aandachtspunten ingebracht. Een belangrijk uitgangspunt is dat de komst van de Nedersaksenlijn niet alleen kansen biedt, maar ook gevolgen heeft voor de bereikbaarheid, veiligheid en leefbaarheid in onze gemeente. Onze inbreng richt zich onder andere op het borgen van de verkeersdoorstroming bij spoorwegovergangen, haltering van treinen van zowel de Nedersaksenlijn als de Wunderline in de gemeente. Wij zien drie opties voor een stop: de bestaande stations Martenshoek en Hoogezand-Sappemeer en de locatie nabij de overgang Kerkstraat. Naast de mogelijkheid van een nieuw centraal station, hebben wij aangegeven dat de mogelijkheid tot aanpassing van de huidige stations moet worden onderzocht."
Ongelijkvloers
Verder vraagt de gemeente aandacht voor het ongelijkvloers maken van belangrijke kruisingen en de verbetering van de veiligheid bij overwegen. Daarnaast zijn behoeften ingebracht die betrekking hebben op gebiedsontwikkeling in het stedelijk gebied en Zuidbroek en op de leefbaarheid rond het spoor.
Meer weten?
Klik HIER en lees meer over dit onderwerp.
Eerdere berichten:
Nedersaksenlijn is voor Midden-Groningen meer dan een spoorlijn
Midden-Groningen wil nieuw treinstation in Hoogezand en Zuidbroek dan?



